Gezin Moederschap Persoonlijk

Praten

De eerste weken  van onze nieuwe gezinssamenstelling waren enorm heftig. We zaten in een gigantische achtbaan. De ene dag ging het goed met jou, de andere dag ging het helemaal mis. Het ging letterlijk op en neer. En langzaamaan begon het onze tol te eisen…

Iedereen om ons heen was (en is) zo lief. Familie, vrienden, buurtjes en verpleegkundigen: we konden altijd bij ze terecht, voor alles. Maar dat is toch een dingetje. Een drempel. Om hulp te vragen…Totdat het echt niet meer ging. Papa wilde graag met iemand praten. Over zijn gevoelens en gemoedstoestand, maar ook over mij. Want hij zag dat mama niet lekker in haar vel zat. Ik zat in een neerwaartse spiraal van zorgen. Zorgen over jou, zorgen over papa, zorgen over het kolven, zorgen over ons gezin. En waar ik dan normaal om alles huil, was er nu niets. En juist dát baarde papa zorgen: ik huilde niet meer.

We moesten hulp zoeken

En omdat ik wel wist dat papa gelijk had (deze keer dan he!), zijn we hulp gaan zoeken. We moesten met iemand praten. We konden terecht bij maatschappelijk werk in het ziekenhuis. Handig. Eerst naar jou, dan praten en dan weer terug naar onze kleine panda. Het was heel fijn. De mevrouw wist precies waar de pijnpunten zaten en liet ons inzien dat onze situatie ook echt bizar was. Natuurlijk was het normaal om zoveel zorgen te hebben. Maar spreek ze dan ook uit.

En dat was een dingetje. Vooral voor mij. Want ik wist wel wat mij het meeste dwars zat. Ik durfde het alleen niet hardop te zeggen. Want wat ben ik voor persoon om zulke dingen te roepen? Bij papa waren het zorgen over jou, zorgen over zijn werk, zorgen over mij. Het continue ‘van het kastje naar de muur gestuur’. Ik deelde zijn zorgen. Daarbij kwam ook nog het gevoel wat ik had over het kolven. Jij moest en zou borstvoeding krijgen. Ongeacht de slapeloze nachten en ontstekingen. Maar het ergste voor mij was het gevoel wat ik juist niet had: ik voelde mij geen moeder.

“Ik voel mij geen moeder.”

Heb ik dat echt hardop gezegd? Ja…en het luchtte op. “Ik voel mij geen moeder”. Nu wel hoor! Maar toen…nee. Een moeder heeft haar baby thuis, zonder zorgen. Haalt haar uit bedje, voedt haar, knuffelt met haar en gaat lekker met haar wandelen. Ik moest (ja, MOEST!) kolven, naar het ziekenhuis om een baby te bezoeken en terug naar huis om weer te kolven. En dat een paar keer per dag. Het was een ellende, ik voelde mij ellendig. En schuldig. Want ik ben jouw mama maar zo voelde het niet.

Blijven praten

Na het uitspreken van die verschrikkelijke gedachte kwamen meteen de tranen. Jep, dat was dus mijn pijnpunt. Mijn zere plek. En dat is het nog steeds. Bah, bij het typen van die zin krijg ik het alweer te kwaad. Maar het uitspreken ervan hielp. Erover praten hielp. We voelden ons steeds beter. De zorgen waren er nog, maar ze vraten ons niet meer op. Inmiddels gaat het al stukken beter. Ik voel mij een echte mama (WOEHOE!). Natuurlijk, de zorgen zijn nog steeds niet weg. Maar we kunnen ze aan. Wij allemaal. Als gezin. Zolang we maar blijven praten.

You may also like...

Leave a Reply

Your email address will not be published.